maandag 4 maart 2013

Het medicijn tegen kanker bestaat niet

Waarom hebben we nog geen medicijn tegen kanker?

 
Het is een vraag dat ik regelmatig krijg doordat ik kankeronderzoek doe. Een begrijpelijke vraag, maar moeilijk te beantwoorden. Hét medicijn tegen kanker bestaat volgens mij namelijk niet. Kanker is een erg complexe ziekte (filmpje). Het idee dat er één medicijn voldoende zou zijn lijkt (en blijkt) erg naïef. Ik zal hier een poging wagen uit te leggen waarom kanker zo’n moeilijke ziekte is en hoe onderzoekers daar oplossingen voor proberen te vinden.

Een hoop ziekten die vroeger nog dodelijk waren en “ongeneeslijk” werden genoemd zijn tegenwoordig goed te genezen. Denk bijvoorbeeld aan longontsteking, TBC, of griep. We hebben dus grote stappen vooruit gemaakt, vooral door (bio)medisch onderzoek. Voor veel mensen lijkt kanker hierop de uitzondering, maar dit is niet helemaal terecht. Ik denk dat een van de redenen waarom dat toch zo lijkt is omdat je veel minder vaak de verhalen hoort over mensen die genezen van kanker dan over mensen die er aan overleden zijn. En als je dan eens hoort dat iemand is genezen van kanker, wordt dat vaak bijna 'wonderbaarlijk' genoemd. Dat terwijl tegenwoordig ongeveer de helft van alle kankerpatiënten geneest. Bij kinderen geneest zelfs ruim 70% van kanker. Er zijn dus zeker vormen van kanker die volledig geneesbaar zijn en dit worden er steeds meer. Toch moet er nog een hoop gebeuren; kanker is namelijk de belangrijkste doodsoorzaak in Nederland. Wat maakt kanker nu zo’n moeilijke ziekte?

Een goed verborgen ziekte

Veel ziektes worden veroorzaakt door bacteriën of virussen. Deze zijn door je lichaam vaak goed te herkennen als de ‘vijand’: vergelijk het met een vijandige soldaat in een ander uniform. Kanker wordt door je lichaam echter niet herkend als ‘vijand’: het is feitelijk een volledig lichaamseigen cel. Verschil is dat in deze cel de aansturing vanuit de genen niet meer klopt door foutjes (mutaties) in het DNA. In tegenstelling tot wat wel eens gedacht wordt zijn deze mutaties in de meeste gevallen van kanker (95%) niet overgedragen door de ouders. Verreweg de meeste gevallen van kanker ontstaan door genetische schade die je ergens tijdens je leven oploopt. Deze mutaties in het DNA ontstaan voortdurend door normale celgroei en veroudering. Meestal worden deze foutjes hersteld door je lichaam of worden cellen met mutaties opgeruimd. Soms kan een cel hier echter aan ontsnappen en wordt dan een kankercel. Bijvoorbeeld roken en verbranden door zonnen zorgen voor meer mutaties en die veroorzaken de veel grotere kans op kanker die we daardoor zien. De mutaties zorgen ervoor dat de signalen die de cel normaal gesproken in controle houden uit balans raken en de cel daardoor ongeremd gaat groeien. Vergelijkbaar met iemand in de bevolking die rare ideeën krijgt en terrorist wordt. Vaak niet te herkennen en je hebt het vaak pas door als het helemaal mis gegaan is.

Met kanker is dat net zo. In veel gevallen is het ook essentieel dat de kanker in een vroeg stadium gevonden wordt: voor het te ernstig is om te kunnen genezen. Net als met terrorismebestrijding is het dus belangrijk om vroege signalen op te merken en snel de 'schuldigen' op te sporen. Een groot deel van (bio)medisch onderzoek is dan ook gericht op voorspellen welke mensen het meeste risico lopen, die effectiever te screenen, sneller de juiste diagnose kunnen stellen en de exacte plek van de tumor kunnen bepalen. Dit samen zal ervoor zorgen dat mensen die kanker krijgen sneller onder behandeling kunnen gaan en de kanker daardoor eenvoudiger te behandelen is.

Omdat kankercellen eigenlijk lichaamseigen cellen zijn, zijn ze moeilijk te herkennen.

No size fits all

Kanker is ongecontroleerde celgroei met een genetische oorzaak. Het is dus een genetische ziekte. Dan zou je natuurlijk hetzelfde kunnen doen als met alle genetische ziekten: het verantwoordelijke gen vinden en daar een medicijn op ontwikkelen. Dit gebeurt ook, maar kanker is niet echt één ziekte is. Kanker is eigenlijk een verzamelnaam voor een hoop verschillende ziekten. Het idee dat er één kanker-gen is, is dus ook al een tijd van tafel. Sterker nog, het is bekend dat zelfs hetzelfde soort kanker (bijvoorbeeld borstkanker) kan veroorzaakt worden door verschillende mutaties in verschillende genen. Elk van deze 'ondersoorten' kanker moet dus eigenlijk ook gezien worden als een andere genetische ziekte, omdat de genetische oorzaak anders is.

De grootste stappen vooruit in de bestrijding van kanker zijn de behandelingen geweest die in principe tegen alle kankersoorten gericht zijn. Denk hierbij aan bestralen (radiotherapie) of een chemokuur (chemotherapie). Bestraling en chemotherapie zijn redelijk radicale manieren om kanker te bestrijden. Zie het als een atoombom gooien in de buurt van waar de terroristen zitten: hier raak je ongetwijfeld ook de onschuldige bevolking mee. Dat gebeurt in kankerpatiënten ook: ook normale cellen gaan dood, wat zorgt voor de vaak sterke bijwerkingen van deze behandelingen. Daar komt bij dat deze behandelingen vaak zelf ook DNA beschadigen en daardoor weer de oorzaak kunnen zijn van een nieuwe kanker. Bovendien werken deze ‘one-size-fits-all’ therapieën niet op alle ondersoorten kanker, dus ondergaan sommige patiënten de sterke bijwerkingen zonder te kunnen genezen. Het op één hoop gooien van alle kankerpatiënten heeft dus weinig zin: dit zorgt alleen maar voor onnodige ‘overmedicatie’.

Om deze redenen ligt de aandacht bij (bio)medisch onderzoek nu vooral ook op doelgerichte therapie ('targeted therapy'). Bij targeted therapy wordt gericht op de genetische oorzaak van de specifieke ondersoort kanker. Hier moet eerst nauwkeurig worden bepaald wat voor mutatie in welk gen de aanstichter is, wat dat doet met de signalen in de kankercel en welk medicijn daar vervolgens het beste op ingrijpt. Geen atoombom dus, maar een precisiebom: effectief en zonder onschuldige bijstaanders te treffen. Een belangrijk aspect van targeted therapy is dus het vaststellen van de ondersoort kanker die de patiënt heeft. Hoe nauwkeuriger dat wordt gedaan, hoe gerichter de therapie kan zijn. Waar we bijvoorbeeld borstkanker eerst nog één kanker noemde, delen artsen die tegenwoordig op in enkele genetische ondersoorten ('molecular subtypes'). Onderzoekers werken er nu hard aan dit nog verder onder te verdelen . Zo ver zelfs dat uiteindelijk van elke kankerpatiënt een bijna individuele ondersoort zal worden bepaald en de therapie daarop wordt gebaseerd (ook wel 'personalized medicine' oftewel 'therapie op maat' genoemd). De kans wordt dan namelijk heel klein dat een patiënt een bepaalde therapie krijgt die niet werkt en dus onnodig de bijwerkingen ondergaat.


Belangrijk is om kanker niet als één ziekte te beschouwen, maar onder te verdelen in specifieke ondersoorten en deze ondersoorten zeer gericht behandelen.

Verraderlijk veranderlijk

Om het nog moeilijker te maken zijn alle kankercellen in één patiënt ook niet helemaal hetzelfde. Tijdens de groei van tumoren ontstaan er namelijk nog meer mutaties in de delende tumorcellen. Deze mutaties zorgen ervoor dat een deel van de tumor bijvoorbeeld nog harder gaat groeien, omliggende weefsels binnendringt of uitzaait naar heel andere plekken in het lichaam. De kanker bestaat dan dus uit verschillende kankercellen. Elke andere cel zal ook anders reageren op therapie of zelfs volledig resistent zijn. Zelfs al weet je dus de ondersoort kanker en behandel je daarop, dan kunnen er na de therapie minder gevoelige en resistente kankercellen overblijven. Deze kunnen weer uitgroeien tot een nieuwe kanker en die zal een net iets andere ondersoort zijn. Deze ondersoort zal dan ook resistent zijn tegen de eerste therapie en dus een andere therapie nodig hebben.

Dit is dus een extra moeilijkheid in het genezen van kanker: één behandeling is vaak niet genoeg is om alle verschillende kankercellen weg te krijgen. Dat maakt kanker behandelen een soort wapenwedloop. Het in kaart brengen van de mutaties die een bepaalde ondersoort kanker zal doorlopen is dan ook een belangrijk punt in kankeronderzoek tegenwoordig. Zulke kennis wordt vervolgens gebruikt om te bepalen welke therapieën tegelijk gebruikt zouden moeten worden. Door bijvoorbeeld targeted therapy en chemotherapie tegelijk te gebruiken, of bijvoorbeeld combinaties van verschillende targeted therapieën, wordt de kans veel kleiner dat er resistente kankercellen overblijven. De kans op volledig genezen is dan dus groter en daarom wordt ook veel onderzoek gericht op zulke combinatietherapieën.

Waar een enkele therapie niet alle verschillende kankercellen kan doden, kan een combinatie van verschillende therapieën dat wel.

Voorkomen is beter dan genezen


Kanker is een moeilijke ziekte, maar we hebben grote stappen vooruit gemaakt in onze strijd tegen deze ziekte. Na de ontwikkeling van massavernietigingswapens als bestralen en chemotherapie is nu de tijd aangebroken van de intelligentere wapens. Wetenschappelijk onderzoek richt zich nu dus vooral op het op tijd opmerken van kanker, het precies bepalen waar de tumor zit, het ontdekken van de genetische oorzaken en het patiënt-specifiek samenstellen van combinaties doelgerichte therapieën. Dit is hard nodig, want kanker komt steeds vaker voor, ook omdat mensen ouder worden. Tegenwoordig zal zo'n één op de drie mensen kanker krijgen in hun leven. Dit kunnen er een stuk minder zijn, bijvoorbeeld als er een strenger rookbeleid zal worden gehanteerd. Dit zou niet alleen goed zijn voor bijna alle rokers, maar ook voor een groot deel van de meerokers (passieve rokers). Helaas lijkt het voorkomen van kanker op zo’n eenvoudige manier niet echt op de agenda te staan van onze huidige regering.

10 opmerkingen:

  1. Floortje7/8/14 13:46

    wauw precies de info die ik zocht! dank je wel!

    BeantwoordenVerwijderen
    Reacties
    1. Bedankt voor je reactie! Mocht je andere vragen hebben die je graag op dit blog beantwoord zou willen hebben, dan kun je altijd een onderwerp voorstellen via inzichtvooruitzicht[at]gmail.com!

      Verwijderen
  2. Heel erg bedankt! Ook precies de informatie die ik zocht voor een opdracht van school! Heel erg bedankt!

    BeantwoordenVerwijderen
  3. Reacties
    1. Frank Steijn1/5/15 14:43

      Ik heb uw artikel gelezen en net meteen het radioprogramma beluisterd, maar ik vind uw uitleg eigenlijk beter te begrijpen. Een heel fraaie website heeft u. Ik lees het graag. Zeker als het echt over wetenschappelijk onderzoek gaat.

      Verwijderen
    2. Bedankt voor uw lovende woorden! Ik zal mijn best blijven doen om begrijpelijk over wetenschappelijk onderzoek te blijven schrijven.

      Verwijderen
  4. oke en waarom moet ik dan lezen dat er mensen zijn en zelfs iemand ontmoet die van kanker is genezen door het nemen van het middel graviola kunt u mij daar ook antwoord op geven

    BeantwoordenVerwijderen
    Reacties
    1. Bedankt voor uw vraag, Anonym. Omdat deze vraag niet even kort te beantwoorden is (en misschien meer mensen met dezelfde vraag zitten), heb ik een apart artikel van het antwoord gemaakt: zie hier mijn antwoord.

      Verwijderen
  5. Mooi duidelijk artikel. Wat ik echter niet snap aan de huidige manier van kankerbestrijding is dat het doel puur is om de kankercellen weg te halen. Zoals in dit artikel ook mooi wordt geschreven; "Verreweg de meeste gevallen van kanker ontstaan door genetische schade die je ergens tijdens je leven oploopt". Waarom wordt de bron van deze ziekte dan niet aangepakt in plaats van de symptoombestrijding die er in de medische wereld wordt gehandhaafd? Wat is uw visie hierop?

    BeantwoordenVerwijderen
    Reacties
    1. Bedankt voor uw vraag, Ronald. Inderdaad, de oorzaak van zo'n 95% van alle kankergevallen wordt niet genetisch overgedragen, maar heeft dus de bron in je levensstijl en omgevingsfactoren. Het probleem van kanker is dat mutaties in je normale cellen de oorzaak van kanker zijn. Tot deze cellen daadwerkelijk veranderen in tumoren kun je er weinig tegen doen, want dan zijn het eigenlijk nog gewoon normale cellen. Het enige dat je kan doen is voorkomen dat dergelijke genetische schade (mutaties) ontstaat die normale cellen veranderen in kankercellen. Daar kun je geen wondermiddel voor maken; eigenlijk helpt hiervoor alleen een gezonde levensstijl en vooral niet roken (ook niet af en toe of zelfs passief meeroken)!

      DNA-mutaties in normale cellen gebeuren de hele tijd en zijn meestal neutraal (hebben dus geen effect). Ze worden bijvoorbeeld veroorzaakt door het verbranden van energie in het lichaam en door natuurlijke straling uit de atmosfeer. Daar komt bij dat er allerlei natuurlijke reparatie-mechanismen in cellen zitten die veel mutaties weer herstellen. Of als repareren niet meer lukt omdat de genetische schade te groot is, zullen ze de cel doden (omdat het anders tot kankercel kan uitgroeien). Als er echter te veel en te snel achter elkaar mutaties ontstaan, kunnen deze reparatie-mechanismen dit niet meer bijbenen. Dan zullen er gemuteerde cellen ontsnappen die in kankercellen kunnen uitgroeien. Gelukkig kun je dit grotendeels zelf voorkomen.

      Dit versnellen en vermeerderen van schadelijke mutaties kan namelijk verschillende oorzaken hebben, die je veelal zelf kunt beperken. Verreweg de belangrijkste oorzaak is roken. Roken veroorzaakt ruim een kwart tot een derde van alle kankergevallen (die ook nog eens zeer agressief en moeilijk te behandelen zijn). Van longkanker en mond-, neus- en keelkanker wordt 80-90% veroorzaakt door roken. Zelfs weinig of af en toe roken vergroot de kans op kanker sterk! Ook ongezond eten (zoals verwerkt of rood vlees, frituur), overgewicht en overmatig alcohol drinken veroorzaken ruim een kwart van alle kankergevallen. De zonnebank, maar ook zonder voldoende zonnebrand en beschermende kleding in de zon zitten, zijn de belangrijkste oorzaken van huidkanker (de 2e meest voorkomende kankersoort in Nederland). Daarna spelen bijvoorbeeld vervuiling, infecties en stress ook een rol bij het ontstaan van kanker. Je beschermen tegen deze oorzaken van genetische schade (en daarmee kanker) is dus het beste dat je kunt doen tegen de bron van de ziekte.

      Kanker is dus in veel gevallen een ziekte die voorkomen kan worden. De medische en wetenschappelijke wereld brengt al heel duidelijk naar buiten dat de bovenstaande risico voor kanker beperkt moeten worden. Wetenschappers en artsen proberen daarom al vrij lang via politici en beleidmakers of via campagnes te zorgen dat mensen niet gaan roken (of ermee stoppen), gezonder gaan eten en zonnen, maar bijvoorbeeld ook vervuiling tegengaan (denk bijvoorbeeld aan roetfilters, duurzame energie en verbieden of verminderen van gevaarlijke chemicaliën).

      Kun je dan echt geen middeltje slikken? Er worden wel eens claims gedaan dat antioxidanten mutaties en daarmee kanker kunnen voorkomen, maar dat moet je niet zomaar geloven. Hoewel antioxidanten (zoals bijvoorbeeld vitamine C) in je lichaam inderdaad genetische schade tegengaan, zijn er ook wetenschappelijke bewijzen dat te veel antioxidanten juist het tegenovergestelde doen en dus juist mutaties kunnen veroorzaken! Het advies is daarom ook: haal je antioxidanten uit dagelijks voldoende fruit en groenten eten, maar ga geen pillen of supplementen slikken! 'Superfoods' zijn ook niet echt nodig (dat is meer een marketingkreet dan een wetenschappelijk of medische term), maar kun je voor de afwisseling ook wel af en toe door het eten doen. Gewoon afwisselend eten van normale groeten en fruit is dus prima: de wondermiddeltjes van de natuur.

      Verwijderen